Ongelukkige Q
Zes weken geleden werd ik van de ene op de andere dag moe. Niet een beetje moe, maar een allesomvattende vermoeidheid die zich niet zomaar liet wegslapen. In eerste instantie leek er geen duidelijke verklaring voor te zijn. Maar hoe meer rust ik pakte, hoe erger het werd. Alsof mijn lichaam, dat gewend is om te presteren en door te gaan, even geen andere optie zag dan compleet stilvallen.
De weken trokken voorbij en ik merkte dat ik minder genoot van de dingen die mij normaal gesproken zoveel energie geven. Wat is normaal? Tja. Waar ik anders enthousiast en gelukkig werd van trainen, werken aan de foundation en doelen nastreven, voelde alles nu dof. Het was alsof ik door een mist heen leefde. Alsof er een onzichtbare hand remde op alles wat ik wilde doen.
Toch brengt zoโn periode ook iets bijzonders met zich mee. Wanneer het leven je even dwingt naar binnen te keren, ontstaat er ruimte voor reflectie. Waar lekt mijn energie weg? Wat vraagt op dit moment meer aandacht dan ik dacht? Het zijn vragen die ik me stelde terwijl ik probeerde vrede te sluiten met deze tijdelijke staat van zijn.
Gelukkig lijkt de weg omhoog nu ingezet. De vermoeidheid neemt af, beetje bij beetje. Mijn energie keert terug - zij het nog voorzichtig. Er staan nog een paar onderzoeken op de planning, maar ik durf weer vooruit te kijken. Misschien was dit gewoon een post-winterdipje ๐, een noodzakelijke reset na een periode van veel doen, veel willen en veel moeten.
Ik was even wat ongelukkig, maar gelukkig keert geluk altijd weer terug.